Praten met je baby? Daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen
Je baby kan nog niet praten. Toch kun je vanaf het allereerste begin al samen met taal bezig zijn. Door te praten, te zingen, te kijken en op elkaar te reageren. Zelfs tijdens de zwangerschap krijgt je kindje al taal mee.
En het fijne is dat je daar helemaal geen speciale oefeningen voor hoeft te doen. Veel kleine momenten op een gewone dag helpen al.
Hoera, er is een baby!
Wat hoort een baby eigenlijk van taal? En wat kun je als ouder doen om daarbij te helpen?
De korte animatie ‘Hoera! Er is een baby’ laat zien hoe taalontwikkeling al heel vroeg begint en welke rol jij als ouder daarin hebt. De animatie is gemaakt door Cubiss, een organisatie die bibliotheken en andere organisaties ondersteunt op het gebied van onder meer taal, lezen en leren.
Vijf gouden taaltips
Ook Taalschatten helpt ouders om vanaf het begin met taal bezig te zijn. Met eenvoudige tips laat het initiatief zien hoeveel je op een gewone dag al kunt doen voor de taalontwikkeling van je kind.
Een belangrijk uitgangspunt is om met je kind te praten in de taal die jij het beste spreekt. Hieronder delen we de vijf gouden taaltips volgens Taalschatten.
1. Maak contact
Kijk naar je kind als je praat en zorg dat je kind jouw gezicht kan zien. Aan je mond, ogen en gezichtsuitdrukking valt veel te ontdekken. Kijk ook goed terug. Zo merk je wanneer je kind contact zoekt of samen met je wil spelen.
2. Praat duidelijk
Praat rustig en gebruik gewoon de woorden en zinnen die je zelf ook gebruikt. Je hoeft geen speciale babytaal te bedenken. Wisselen met je stem mag natuurlijk wel. Dat maakt praten extra leuk.
3. Ontdek samen
Benoem wat jullie zien, horen en doen. Tijdens het aankleden, wandelen of boodschappen doen zijn overal woorden te ontdekken. Wijs iets aan, vertel wat het is, zing een liedje of pak samen een boekje.
4. Stel vragen
“Waar is de bal?” of “Wat doet de hond?” Ook als je kind nog niet kan antwoorden, kun je vragen stellen. Geef daarna zelf het antwoord. Zo hoort je kind steeds nieuwe woorden en leert het verbanden leggen.
5. Praat samen
Een gesprek hoeft nog helemaal niet uit woorden te bestaan. Laat af en toe een stilte vallen zodat je kind kan reageren. Een geluidje, lach of blik is ook een antwoord. Reageer erop en maak er samen een gesprekje van.
credits: Anne Jannes Photography
Taal zit in de kleine momenten
Taalontwikkeling gebeurt de hele dag door. Tijdens het eten, in bad, onderweg naar buiten of met een boekje op de bank. Door samen te praten, zingen, lezen en ontdekken geef je je kind steeds weer nieuwe woorden en ervaringen mee.
Je hoeft het dus niet perfect te doen. Aandacht voor elkaar en samen praten maken al verschil.
Meer weten over taalontwikkeling, voorlezen en wat je thuis kunt doen?