Schunck Glaspaleis gebouw voorzijde.

SCHUNCK tien jaar op eigen benen

Wie vandaag door SCHUNCK Glaspaleis loopt, merkt het zonder dat iemand het hoeft uit te leggen: hier gebeurt veel meer dan alleen “iets cultureels”. In de bibliotheek zitten scholieren gebogen over hun laptops, een verdieping hoger wordt gewerkt aan een nieuwe tentoonstelling, in een repetitieruimte klinkt muziek en beneden loopt iemand binnen voor een taalprogramma of een lezing. 

 

Buiten het centrum liggen nog vier bibliotheekvestigingen, midden in de wijken. Daarmee is SCHUNCK echt een plek voor iedereen. In 2026 bestaat SCHUNCK tien jaar als zelfstandige culturele instelling. Dat moment vormt de aanleiding voor een gesprek met directeur-bestuurder Kor Bonnema, die de organisatie al ruim tien jaar van dichtbij meemaakt.

Tien jaar geleden was SCHUNCK nog een gemeentelijke afdeling, met museum, bibliotheek en muziek- en dansschool die naast elkaar bestonden, maar nog geen uitgesproken gezamenlijk gezicht hadden. “Er werkten goede mensen”, zegt Bonnema, die in 2013 als interim-directeur binnenkwam, “maar het ontbrak nog aan een duidelijk gezamenlijk gezicht.”

Wat begon als een tijdelijke opdracht – “blijf je nog even?” – groeide uit tot een periode van inmiddels dertien jaar. “Ik vind het gewoon heel leuk”, zegt hij daar zelf nuchter over. Zelfs nu hij 67 is, denkt hij nog niet aan stoppen. Niet omdat het moet, maar omdat het nog steeds interessant is.

Portret Kor Bonnema.

Groeiend vertrouwen

De beslissing om SCHUNCK per 1 januari 2016 te verzelfstandigen, markeerde een kantelpunt. Niet alleen bestuurlijk, maar vooral inhoudelijk. “Die stap betekende vrijheid én gebondenheid”, legt Bonnema uit. “Je krijgt meer ruimte om je eigen koers te varen, maar je moet ook laten zien dat je die verantwoordelijkheid aankunt.”

Het eerste jaar na die stap was, zoals hij het zelf zegt, “chaos”. Alles moest opnieuw worden ingericht: systemen, afspraken, structuren. Medewerkers maakten de overgang van ambtenaar naar werknemer van een zelfstandige stichting. “Het tweede jaar kregen we langzaam meer grip”, zegt hij. “Toen begon het vertrouwen te groeien dat dit niet alleen een besluit op papier was, maar iets wat ook echt ging werken.”

Die verandering zat niet alleen in de organisatie, maar ook in het denken. Waar voorheen veel vanuit vaste structuren werd gewerkt, ontstond langzaam een ondernemender houding. Niet commercieel in de klassieke zin van het woord, maar wel met de vraag: hoe halen we het meeste uit wat we hebben? Hoe maken we het scherper, zichtbaarder, relevanter?

Rust en balans

Een belangrijke stap daarin was de keuze om museum, bibliotheek en muziek & dans niet langer als losse onderdelen te zien. In het begin werd die samenwerking misschien wat krampachtig opgezocht, geeft Bonnema toe. “Alles moest samen. Dat werkte niet altijd.” Maar gaandeweg ontstond er rust en balans. De verbinding werd minder geforceerd en juist daardoor sterker. “Educatie is de satéprikker”, zegt hij. “Die zit overal doorheen. Bij een tentoonstelling hoort een educatief programma, muziek en dans kunnen aanhaken, de bibliotheek verdiept het verhaal. Dan versterkt het elkaar vanzelf.”

Rond 2019 voelde het alsof de zijwieltjes eraf gingen. Het museum durfde grotere tentoonstellingen aan, het werd Basquiat– niet de minste, en later Keith Haring, recent Andy Warhol. “Het begin was spannend. Je neemt besluiten terwijl nog niet alles zeker is. Maar op een gegeven moment moet je het gewoon doen.” Hij glimlacht. “Toen voelde het voor het eerst echt als een zelfstandig geheel. We voelden: we kunnen dit zelf.” Vanaf dat moment groeide niet alleen het vertrouwen binnen de organisatie, maar ook daarbuiten. SCHUNCK werd steeds vaker gezien als een stabiele culturele speler in de regio.

Koningin Maxima tijdens de opening van tentoonstelling Basquiat.

Meer dan boeken alleen

Wie de grootste verandering van de afgelopen tien jaar wil aanwijzen, komt al snel uit bij de bibliotheek. Waar die ooit vooral draaide om het uitlenen van boeken – en, zoals Bonnema met een knipoog zegt, soms nog het imago had van “strenge bibliothecaresses” – is de rol inmiddels veel breder en zichtbaarder geworden.

De bibliotheek is uitgegroeid tot een maatschappelijke spil, met programma’s rond taal, gezinsgericht werken en leesbevordering die diep in de wijken en gezinnen reiken. “Taal is vaak het beginpunt”, legt hij uit. “Maar daarachter zit soms meer. Als je bij een gezin binnenkomt vanwege een taalvraag, zie je ook andere dingen. Dan kun je verbinden met andere organisaties in de stad.”

Wat ooit een voorziening was, is zo steeds meer een netwerk geworden, vanuit de overtuiging dat cultuur, taal en ontwikkeling onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. “Het gaat niet alleen om kunst of boeken”, zegt hij. “Het gaat erom dat mensen mee kunnen doen, dat ze zichzelf kunnen ontwikkelen. Dat is misschien wel de grootste verschuiving.”

Investeren in een vertrouwensrelatie

De relatie tussen museum, bibliotheek en muziek & dans heeft zich in de loop der jaren verdiept, maar ook de relatie met de stad en de gemeente veranderde. Waar SCHUNCK voorheen direct onder gemeentelijke aansturing viel, ontstond na de verzelfstandiging een andere dynamiek, met meer ruimte maar ook meer verantwoordelijkheid.

“Vertrouwen is het sleutelwoord”, zegt Bonnema. Hij onderhoudt korte lijnen met burgemeester, wethouders en ambtenaren en ziet dat niet als bijzaak, maar als essentieel onderdeel van zijn werk. “Je moet elkaar kunnen vinden. Als er iets speelt, moet je snel kunnen schakelen.”

Dat vertrouwen is iets wat je opbouwt en zorgvuldig onderhoudt. “Voor mijn opvolger is dat misschien wel een van de belangrijkste dingen: zorg dat die relatie goed blijft. Want je kunt nog zo’n mooie inhoud hebben, als het vertrouwen ontbreekt, wordt het ingewikkeld.”

Een andere manier van leidinggeven

Wie Bonnema hoort praten over zijn rol, merkt dat hij zichzelf niet ziet als een klassieke bestuurder die op afstand de lijnen uitzet. “Ik ben geen hiërarchische baas”, zegt hij. “Ik ben meer coach, begeleider, klankbord. Althans, dat hoop ik.”

De inhoud van tentoonstellingen of programma’s laat hij bewust bij de professionals. Wat hij belangrijk vindt, is dat de randvoorwaarden kloppen en dat mensen zich kunnen ontwikkelen. “Investeer in je mensen”, zegt hij, op de vraag naar tips voor andere culturele instellingen. “Geef vertrouwen en ruimte, dan groeit de organisatie mee.”  Dat hij zelf uit de vastgoedwereld kwam, maakte de overstap naar de culturele sector in het begin wennen. “De cultuurwereld werkt anders. Meer overleg, meer proces. Dat moest ik ook leren.” Maar juist die combinatie van zakelijk inzicht en culturele gevoeligheid bleek waardevol in de fase waarin SCHUNCK zichzelf opnieuw moest uitvinden.

Blijven bewegen

Tien jaar na de verzelfstandiging staat SCHUNCK steviger dan ooit, met vernieuwde vestigingen in de wijken, een museum dat grotere producties aandurft, een muziek- en dansschool met podiumpresentaties van kleine tot grote producties en een bibliotheek die midden in de samenleving staat. Toch kijkt Bonnema liever vooruit dan achterom.

Er wordt gesproken over verdere samenwerking in Parkstad, over het versterken van het museumprofiel en over de ambitie om Heerlen in 2033 als cultuurhoofdstad te positioneren. “Dat zou een enorme kans zijn”, zegt hij. “Niet alleen voor SCHUNCK, maar voor de hele regio. Het zou laten zien wat hier allemaal al gebeurt.” Ook de rol van de bibliotheek blijft zich ontwikkelen. “Die maatschappelijke functie wordt alleen maar belangrijker. We bereiken gezinnen, jongeren en mensen die anders misschien minder snel met cultuur in aanraking komen.”

Terugkijkend is er genoeg om te vieren, maar het jubileum voelt voor hem minder als een eindpunt en meer als een tussenstand. “We zijn volwassen geworden”, zegt hij. “Van een gemeentelijke afdeling naar een zelfstandig cultureel huis met een eigen gezicht. Maar we blijven nieuwsgierig.” Zijn wens voor de volgende tien jaar is helder. “Dat SCHUNCK een plek is waar je je thuis voelt. Waar je kunt ontdekken, leren en ontmoeten. En dat we nog steeds midden in de stad staan.”